Zoeken

Dodentocht 2017

Een relaas van controlepost tot controlepost.

Dit is een herneming van een blogpost die ik reeds eerder op een andere website had neergepend...

Voor de start: Aangezien ik al lopend wou starten, moest ik blijkbaar al vrij vroeg opdagen in Bornem. Via Facebook had ik al enkele tips gevraagd om toch enigszins vooraan te kunnen starten, maar de antwoorden waren vrij duidelijk: vroeg starten wil zeggen vroeg aan de start verschijnen. Dus zet ik omstreeks vier uur al koers richting Bornem. Ik kom iets voor 17u aan met de trein, geef mijn bagage af die ik halfweg denk nodig te hebben en begeef me naar het startgedeelte. Dit stuk gaat pas om 18u open, dus het wordt nog een goed half uur wachten tot het startvak open gaat... 

Rond kwart voor zes zetten een aantal personen zich recht, met als gevolg dat meteen iedereen recht springt in de veronderstelling dat het startvak zo meteen zal open gaan. Niet dus: pas klokslag zes uur gaan de poorten richting startvak open. 

Eenmaal het startvak open is gegaan, slaag ik erin een vrij goed plaatsje te bemachtigen, rechts van de start, tegen de dranghekken. Ik ben blij dat ik dit al gehaald heb maar tegelijk besef ik: dit worden allicht drie lange uren. Zeker gezien ik op mijn eentje deelneem, en er dus niemand me gezelschap houdt bij de start. Gelukkig is de dodentocht ook een sociaal gebeuren en worden er toch wat woorden gewisseld met de personen in de nabije omgeving waardoor de tijd toch een beetje vooruitgaat. Maar drie uur blijft lang om op een harde ondergrond te zitten, en tegen 21u ben ik al stijf en stram van het zitten. 

De start: Eindelijk is het dan zover. De klok op de kerktoren geeft bijna 21u aan, en de spanning stijgt gevoelig. Iedereen staat te popelen om eindelijk te kunnen vertrekken. Minpuntje: er is amper animatie voor de start. Geen speech, geen opzwepende muziek. Op een platformpje doen enkele vrijwilligers wel hun best om enkele waves in gang te zetten, maar het geluid van hun megafoon draagt niet ver genoeg en de waves blijven daardoor beperkt tot enkele meters rond het platformpje.

Om 21u gaat dan de start open, en ik word gelukkig vrij snel beloond voor het lange wachten. Ik heb vrijwel meteen plaats om te lopen, dus ik hoef niet eerst honderden meters of zelfs enkele kilometers te slenteren. Nadeel van het lange wachten is wel dat ik vrijwel meteen mijn voornemen om rustig te starten overboord gooi. In plaats van 10km/u start ik aan bijna 12km/u. Te snel, maar het doet goed om eindelijk in beweging te zijn en het is fijn om de andere lopers te kunnen bijhouden. Opvallend: na een tijdje lopen krijg ik een snelwandelaar in het vizier. De bewegingen zien er belachelijk uit, maar ik merk dat ik amper dichterbij kom. De snelwandelaar voorbij steken duurt lang, heel lang. Nooit bij stilgestaan dat snelwandelaars blijkbaar ook snelheden halen tot bijna 12km/u... 


12,5 km: Dat ik te snel gestart ben, wordt duidelijk aan de eerste controlepost. Ik kom aan terwijl de post nog niet eens geopend is. Het wordt dus even wachten op de eerste bevoorrading en wachten tot we onze tocht weer verder kunnen zetten.  Gelukkig ben ik nu ook weer niet zo snel dat ik al te lang moet wachten: een goede 10 minuten na aankomst gaat de controlepost open en kan ik mijn weg verderzetten. 

18,1 km: Nog steeds loop ik aan meer dan 10km/u. Helaas begint daardoor ook de vermoeidheid al wat door te wegen. Ik had gehoopt ergens rond de 30 km te kunnen lopen, maar ik begin aan de benen te voelen dat ze het zwaar beginnen te krijgen. Ik geniet van het rijsttaartje dat wordt uitgedeeld aan deze post, en start terug te lopen. De benen beginnen echter zwaar aan te voelen, en zoals verwacht begint ook het rijsttaartje me op te spelen. Iets voor de volgende controlepost stop ik met lopen en start ik met het wandelen. 

25,5 km: De eerste controlepost die ik wandelend passeer. Het gevoel is heel dubbel: ik besef dat ik al een kwart heb afgelegd op slechts enkele uren, maar anderzijds wil dat natuurlijk ook zeggen dat ik nog steeds 75 km al wandelend zal moeten afleggen. En gezien de kilometers goed vooruitgingen bij het lopen, maar nu minstens dubbel zo lang zullen duren, lijken die 75 km nog eens zo zwaar. Daarnaast zit je door het lopen niet meer in de massa, waardoor je je plots eenzaam voelt wanneer je begint te wandelen. Vreemd dat dit niet stoort tijdens het lopen... Gelukkig krijg ik een telefoontje van een kameraad (Jelle) die met de wagen tot aan de brouwerij van Duvel is gereden en me met de fiets tegemoet zal komen gereden. 

30,9 km: Hoewel ik had aangegeven welke kleren ik droeg, en ik zelf had gezegd goed te kijken naar elke fietser die me in tegengestelde richting zou passeren (iets wat ik na twee fietsers alweer was vergeten) waren we elkaar blijkbaar toch gepasseerd zonder elkaar gespot te hebben. Uiteindelijk dan maar even gewacht aan controlepost 'De Post', en vandaar samen naar de volgende controlepost. 

37,4 km: De kilometers vlogen voorbij dankzij het gezelschap, ook al vallen er af en toe stiltes onderweg. Maar er wordt ook veel gezwansd en gelachen. Jelle ken ik al sinds de middelbare school en hoewel we elkaar helemaal niet vaak zien, lijkt het alsof we telkens meteen de draad terug kunnen oppikken en even onbezorgd tegen elkaar kunnen zeveren alsof we nog steeds 18 zijn. 

37,4 km is de beruchte controlepost van "Den Duvel". Hoewel Jelle zijn auto vlakbij geparkeerd staat, besluit hij toch nog een eindje mee te gaan tot de volgende controlepost. Gezien Jelle met de fiets is, mag hij op deze controlepost niet mee naar binnen. Hij maant me aan mijn tijd te nemen maar wel het gratis Duveltje voor hem mee te brengen. Al bij al voel ik me nog steeds vrij goed (ok, de spieren beginnen al wat stram te worden en te protesteren) dus ik neem wat bevoorrading voor mezelf en het Duveltje voor Jelle en loop quasi meteen door. Door zo vroeg aan de controleposten aan te komen is het telkens heerlijk rustig (ik herinner me van een eerdere deelname dat het soms dringen was om aan je bevoorrading te geraken), maar voor het bier is het een nadeel: de bekertjes met Duvel staan er zo te zien al een tijdje in plaats van vers getapt te zijn... Gelukkig hoef ik er niet zelf van te drinken. 

42,3 km: Jelle neemt afscheid. Ik ben hem dankbaar dat hij de tijd heeft genomen om me een stuk te begeleiden én dat hij toch in het midden van het nacht een goeie 12 km heeft meegestapt. Ikzelf heb inmiddels een marathonafstand afgelegd op een goeie zes uur. De rest van de nacht zal ik het met het gezelschap van muziek moeten doen. 

Gezwind zet ik de tocht voort maar ergens onderweg krijg ik toch mijn eerste mentale klopke. Het is meer dan 11 km tot de volgende post en de vermoeidheid zit nu echt in de benen. Toch lukt het nog om er de snelheid in te houden en kost het me slechts 2u om de 11km te overbruggen. 

53,8 km: Het 'halfwegpunt' waar je je bagage kan oppikken. Misschien had ik er beter aan gedaan om zo snel mogelijk door te stappen, maar ik moest ook van kleren en schoenen wisselen en helaas moet je dan ook even gaan zitten. En door te gaan zitten kwam de vermoeidheid eens zo hard opzetten. Het liefst had ik me neergelegd en een dutje gedaan. In plaats daarvan werd het op het gemak een koude sandwich eten en verdomd traag mezelf omkleden. Tijdens het omkleden probeer ik wat te stretchen, al lijkt het alsof al mijn pezen met de helft gekrompen zijn. Stretchen zou deugd moeten doen, maar op dit moment is het alleen maar pijnlijk. Tot mijn verbazing heb ik op dat moment wel nog geen enkele blaar aan mijn voeten. Maar de voeten doen niettemin pijn. 


Ik spreek met mezelf een bepaald uur af waarop ik terug ga vertrekken en hou me er ook aan. Het vertrekken is pijnlijk: ik geef mezelf een 6 op de pijnschaal (waarbij 0 geen pijn is en 10 een pijn die niet te harden is). En even begin ik te rillen en te klappertanden van de kou. Ik heb te lang stilgezeten, en daarenboven ook nog eens van lange broek naar korte broek gegaan. Die korte broek zal me later van pas komen, maar nu is het even vloeken. Ik zet er terug de pas in en vertrouw erop dat ik het wel vanzelf terug warm zal krijgen. Het t-shirt dat ik nu draag, geeft enigszins weer hoe ik me vanaf nu voel: als een zombie op een loopband... 

62,2 km: De zon is inmiddels terug opgekomen en gelukkig had ik niet zo heel lang last gehad van de kou. Het tempo zat er nog steeds stevig in en om iets na 7u s morgens kom ik aan in de sporthal van Buggenhout. Dit is ongeveer het punt waar ik bij mijn allereerste deelname heb opgegeven, maar toen was het volgens mij al tegen of zelfs iets na de middag. Dat ik de 60km heb behaald om 7u 's morgens doet me deugd en doet me ook beseffen dat ik mogelijks wel eens een vrij scherpe persoonlijke tijd zou kunnen neerzetten. Daarnaast beginnen er best wel wat reacties binnen te stromen via Facebook die me verder motiveren. Ik besluit niet te veel tijd te verliezen en zet koers naar de volgende post. 

67,8 km: De controleposten beginnen allemaal wat op elkaar te lijken, en ik ben meer en meer gebeten om een zo goed mogelijke tijd neer te zetten. Ik neem amper de tijd om te rusten en zet meteen koers naar de volgende post. Uit de weinige ervaring die ik heb, weet ik dat de kilometers tussen 60 en 80 mentaal de zwaarste zijn. Ik ga ze frontaal tegemoet. Ik post regelmatig updates op facebook en laat me verder motiveren door de (soms verbaasde) reacties. 

73,2 km: Een bevriend koppel (Geoffrey en Aster) is met de wagen tot vlakbij de sporthal van Lippelo gekomen en wil een stukje met me meewandelen. Ik ging sowieso wat meer rust nemen aan deze controlepost en wacht hen daar op. De pijn zit intussen op een 6,5 à 7. 

Voor ze vertrokken, vroegen Geoffrey en Aster of ze iets konden meebrengen voor me. Ik was zelf Voltaren emugel vergeten in mijn bagage mee te nemen, dus ik vraag of ze dit hebben. Ze verschijnen aan de post met de tube in hun handen. Volgens de houdbaarheidsdatum is de tube net vervallen, maar ik smeer het toch aan mijn benen. Ik voel niets. Nooit gedacht dat een tube Voltaren emugel kon vervallen... 

We zetten de tocht samen verder. Door te rusten zijn mijn spieren verder verzuurd. Het kost me enorm veel energie om terug op gang te komen en ik merk dat ik moeite heb om mijn eerdere tempo van +/- 5,5 km/u te halen. Hadden Geoffrey en Aster er niet geweest, had ik waarschijnlijk nog trager gewandeld maar ik probeer me sterk te houden en me enigszins aan te passen aan hun tempo. Het lukt niet altijd. 

79,4 km: Aan deze bevoorradingspost valt er iets meer eten te rapen, en ik maak er ook gebruik van: een wafel, een sandwich en een hardgekookt ei. Terwijl ik het zit op te eten tracht ik nog wat te stretchen tegen een nadarhek. Stretchen op dit moment betekent het been hoog genoeg heffen om met de voet op de onderste dwarsbalk van het nadarhek te staan, wat ongeveer een 15cm hoog is schat ik, en dit even vol te houden. Het kost me moeite om dit meer dan een minuut vol te houden en zowel het been er op krijgen als het eraf krijgen doet pijn en neemt tijd in beslag. Daarnaast begin ik meer en meer last te krijgen van mijn voeten. De wreef van mijn beide voeten deed al lange tijd pijn, maar nu doet ook de zijkant van mijn rechtervoet verdomd veel pijn. 

Tegen beter weten in smeer ik toch nog eens Voltaren op mijn benen, ditmaal een grotere hoeveelheid. Ik hou er enkel vettige benen en vettige handen aan over. 

De snelheid gaat verder naar beneden. Tijdens loopwedstrijden zoek ik bewust bospaadjes op, maar nu vervloek ik ze: bij elke oneffenheid in het terrein voel ik pijn van mijn voeten tot in mijn rug. 

82,8 km: Gezien Geoffrey en Aster nog terug naar hun wagen moeten, besluiten ze hier te stoppen. Met de weg terug zullen ze er ook een goede 20 km gewandeld hebben. Ik besef dat, zoals ik me op deze post voel, ik niet te lang mag treuzelen en meteen verder moet. De volgende post is immers slechts een paar kilometer verder. Opnieuw houdt muziek me verder gezelschap. 

86,5 km: Op deze post krijg ik mijn twee mentale tik. Ik dacht dat in de laatste 20 kilometers de posten telkens zo rond de 5 km lagen, waardoor je nog enigszins gemakkelijk van post naar post kon geraken. Volgens het bord is de volgende post echter pas na bijna 9km, wat op dit moment overeenkomt met oneindig ver. Zeker aan de snelheid die ik nu nog maar haalde. Aan 5,5 km/u gingen de kilometers ook nog wel enigszins voorbij, maar aan deze snelheid... Telkens als ik dacht dat ik bijna een km had gewandeld en dit checkte op mijn sporthorloge bleken er maar een goeie 300m voorbij te zijn gegaan. 

De pijn in mijn voeten en benen is ondertussen gestegen tot een 8, bij momenten 8,5. Ik neem een lange pauze en doe wat ik enkele anderen ook al heb zien doen: ik leg me op de grond met mijn voeten omhoog op een stoel. Al bij al blijf ik bijna een uur zitten op deze post. Ik probeer ook de veters van de schoen aan mijn rechtervoet anders te knopen, in de hoop zo de druk op de zijkant van mijn rechtervoet te verminderen. De zijkant voelt aan als een blauwe plek die constant opnieuw werd ingedrukt, duizenden keren na elkaar...

De vermoeidheid is zo groot dat ik even ontroerd ben als ik de verdere aanmoedigingen via Facebook zie. 

Het opnieuw vertrekken is een hel. Zowel mijn voeten als mijn spieren schreeuwen moord en brand en ik mank en trek langs alle kanten. Een wandelaar die het ook lastig heeft steekt me voorbij en moedigt me aan. Ik bedankt hem en zeg grootgeweg dat ik gewoon terug op gang moet komen. De eerste kilometer gaat traag, heel traag voorbij, maar stilaan merk ik dat het inderdaad terug beter begint te gaan. Ik bijt even op mijn tanden tot ik terug aan een tempo van + 5km/u zit en eenmaal ik dat heb gehaald, blijk ik het tempo terug te kunnen aanhouden. Ik steek de persoon die me aanmoedigde terug voorbij. Hij was er niet zo blij mee, ik des te meer. 

Het is een rotstuk om te wandelen, zowel qua afstand als omgeving. Daarnaast is het weer erg wisselvallig geworden: regen wisselt af met doge stukken waardoor ik constant mijn jas aan en uit moet doen. De regen zorgt er ook voor dat mijn sportschoenen nat worden en ze zijn niet waterdicht. Mijn kousen worden ook nat en ik voel blaren ontstaan. Maar het feit dat de finish bijna in zicht is, geeft me terug voldoende moed. Ik steek links en rechts terug wandelaars voorbij, iets wat me al zeker 20 km niet meer gelukt was. De pijn is ondertussen terug gezakt naar een comfortabele 7. Vooral het anders knopen van de veters heeft geholpen. 

De volgende controlepost lijkt inderdaad een eeuwigheid weg: na elke bocht denk je dat je er eindelijk bent, maar dan blijkt het toch nog iets verder te zijn. 

94,2 km: Maar dan uiteindelijk is ze er toch, al is het dan nog één van de hatelijkste posten: ze ligt beneden de dijk, dus je moet de dijk afdalen om de post te passeren en vervolgens meteen weer de dijk opklimmen. Hoewel de dijk amper een paar meter hoog is, is dat na 94km een obstakel om U tegen te zeggen. Ik tracht me er echter niet door tegen te houden: ik drink enkel even aan de bevoorrading en zet meteen mijn weg voort. De finish is godverdomme in zicht, en een stom dijkske gaat me er nu zeker niet meer van weerhouden. 

Het is nog even zwaar zolang er naast het water wordt gelopen, maar eenmaal de dijk wordt verlaten, weet je dat het nu echt nog maar een paar kilometer tot an de finish is. Mijn sporthorloge laat het nu helaas net afweten, dus ik kan niet meer zelf in het oog houden wanneer er weer een kilometer voorbij is. Gelukkig verschijnen er op 4 km van de finish borden die de afstand aangeven. Inmiddels is ook de zon doorgebroken waardoor het plots toch vrij warm is geworden. De laatste kilometers wordt extra zweten. 

De borden lijken ver uit elkaar te staan, maar stilaan komt er terug bekend terrein in zicht: ik zie de startplaats waar ik drie uur heb zitten wachten. Het lijkt al een eeuwigheid geleden. Ik passeer de plaats waar ik mijn bagage heb moeten afgeven. Ik passeer de banner van de laatste 500m. In de laatste rechte lijn tracht ik nog even te lopen. Het lukt maar slechts voor even, en de snelheid lag amper hoger dan mijn wandelsnelheid. Toch steek ik al lopend nog twee meisjes voorbij. Vlak voor de finish, als ik terug aan het wandelen ben, merk ik dat zij ook zijn beginnen lopen en ze steken me terug voorbij. Ik bijt me nog even vast aan hun tempo en steek al lopend de finish over om 16u09. Ik heb 19 uur en 8 minuten nodig gehad om de 100 km te overbruggen. Ik heb mijn vorige tijd met meer dan 4uur scherper gesteld. Het wordt een hele uitdaging om op de volgende editie nog beter te doen dan nu. Maar dat is een volgende uitdaging.... 

Ik geniet in de tent aan de finish nog geruime tijd na. Er is niemand die me komt oppikken, dus ik hoef me ook niet te haasten. Ik drink de gratis Vedett die elke finishen krijgt rustig op en haal al wat herinneringen op aan de deelname met enkele medefinishers. De pijn in de benen en de voeten is nog steeds aanwezig, maar het gevoel van euforie overstemt tijdelijk deze pijn.Ik ben supertrots op mijn behaalde tijd. Al lopend starten had uiteindelijk een dubbel effect: ik had het gevoel dat ik sneller last had van de spieren en pezen in mijn benen, maar anderzijds bereik je op deze manier zo snel de helft van het parcours dat dat alleen al een extra motivatie is om door te zetten. Dit is de eerste editie geweest dat ik op geen enkel moment heb gedacht aan opgeven, hoe zwaar ik het soms ook had. Ik besefte op elke controlepost dat ik nog steeds een zee van tijd overhad om de finish te halen, en dat ik de laatste kilometers desnoods zelfs kruipend kon afleggen. Ik heb ook geen enkele keer gebruik gemaakt van een rode-kruis-post (hoewel dat misschien niet altijd slim was), noch ergens tussen twee controleposten moeten stoppen om even op krachten te komen. Ondanks het wat mindere weer was dit een persoonlijke topeditie. 

NOOT: mijn eigen prestatie werd zondag al even gerelativeerd als ik zie dat Karen Claes van Keep on Running de 100km van de trail des fantomes heeft uitgelopen op minder dan 19u.... 

51 keer bekeken
Volg ons op
  • Facebook - White Circle
  • Instagram - White Circle

©2018 by Running On Trails

Running_on_trails is

Arvid Verreth

Kurt Van Looy

Davy Vereycken

Inge Fastenaekels

Michael Desmet

Koen Daalman

  • Black Facebook Icon
  • Black Instagram Icon